ECLI:NL:RBROT:2008:BD9500

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
4 juni 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
300911 / HA ZA 08-389
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 99 RvArt. 8:63 lid 1 BWArt. 8:63 lid 3 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevoegdheidsincident en oproeping in vrijwaring in geschil over vervoersovereenkomst

In deze civiele procedure vordert eiseres betaling van €17.794,00 van UPS wegens niet-nakoming van een vervoersovereenkomst. UPS stelt dat de rechtbank zich onbevoegd moet verklaren omdat zij in Tilburg is gevestigd en alleen in Breda rechtsgeldig kan worden opgeroepen. Eiseres stelt dat UPS ook een filiaal in Hoogvliet heeft, waar zij mede woonplaats heeft voor aangelegenheden die dat filiaal betreffen.

De rechtbank oordeelt dat UPS onvoldoende heeft gemotiveerd waarom zij slechts in Breda kan worden gedagvaard, mede omdat de dagvaarding en producties het filiaaladres in Hoogvliet vermelden. Daarom wijst de rechtbank het bevoegdheidsincident af.

Daarnaast staat de rechtbank toe dat UPS Priority Placement Worldwide, gevestigd in Canada, in vrijwaring dagvaardt. Hoewel de stellingen van UPS summier zijn, is er een voldoende grondslag voor de vordering tot oproeping in vrijwaring. De kosten van de incidenten worden aangehouden tot de einduitspraak in de hoofdzaak.

De zaak wordt opnieuw uitgeroepen voor conclusie van antwoord op 2 juli 2008.

Uitkomst: De rechtbank wijst het bevoegdheidsincident af en staat de oproeping in vrijwaring van PPW toe.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM
Sector civiel recht
Zaak-/rolnummer: 300911 / HA ZA 08-389
Uitspraak: 4 juni 2008
VONNIS van de enkelvoudige kamer in de zaak van:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [eiseres],
gevestigd te Voorhout, gemeente Teylingen,
eiseres in de hoofdzaak,
verweerster in de incidenten,
procureur mr. P.H.C.M. van Swaaij,
- tegen -
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid UPS SCS (NEDERLAND) B.V.,
gevestigd te Tilburg,
gedaagde in de hoofdzaak,
eiseres in de incidenten,
procureur mr. J.W. Bitter.
Partijen in de incidenten worden hierna aangeduid als "[eiseres]" respectievelijk "UPS".
1 Het verloop van het geding
De rechtbank heeft kennisgenomen van de volgende stukken:
- de dagvaarding van 4 februari 2008 en de daarbij overgelegde producties;
- de incidentele conclusie houdende exceptie van onbevoegdheid, tevens tot oproeping in vrijwaring van 2 april 2008;
- de conclusie van antwoord in het incident tot onbevoegdheid, alsmede conclusie van antwoord in het incident tot oproeping in vrijwaring van 16 april 2008.
2 Het geschil in de incidenten en de beoordeling daarvan
2.1 In de hoofdzaak vordert [eiseres]- kort weergegeven - bij vonnis uitvoerbaar voorraad UPS te veroordelen om aan haar te betalen een bedrag van € 17.794,00, met rente en kosten. [eiseres] grondt haar vordering op niet-nakoming door UPS van verplichtingen die voor haar voortvloeien uit een tussen partijen gesloten overeenkomst tot het doen vervoeren van goederen.
2.2 In het bevoegdheidsincident vordert UPS - kort weergegeven - dat de rechtbank zich onbevoegd zal verklaren kennis te nemen van de in de hoofdzaak ingestelde vordering. UPS stelt daartoe dat zij is gevestigd in Tilburg zodat zij ingevolge artikel 99 lid 1 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) slechts rechtsgeldig kan worden opgeroepen voor de rechtbank te Breda.
2.3 [eiseres] verweert zich tegen de impliciet gevorderde verwijzing naar de rechtbank te Breda met de stelling dat - kort weergegeven - UPS een filiaal heeft te Hoogvliet en dat zij ten aanzien van aangelegenheden die dit filiaal betreffen, zoals de onderhavige, mede aldaar woonplaats heeft.
2.4 De rechtbank overweegt hieromtrent als volgt. De dagvaarding vermeldt dat UPS mede kantoor houdt te Hoogvliet. Daar is de dagvaarding betekend. Ook de bij dagvaarding overgelegde producties vermelden het adres te Hoogvliet. In het licht van die feiten heeft UPS haar stelling dat zij slechts rechtsgeldig kan worden opgeroepen voor de rechtbank te Breda onvoldoende gemotiveerd. Ten aanzien van aangelegenheden die het kantoor of filiaal van UPS te Hoogvliet betreffen heeft UPS mede aldaar woonplaats. De vordering van UPS dat de rechtbank zich onbevoegd zal verklaren zal derhalve worden afgewezen.
2.5 In het incident tot oproeping in vrijwaring vordert UPS - kort gezegd - bij vonnis te bepalen dat Priority Placement Worldwide (hierna: PPW), gevestigd te Vancouver (Canada), tegen een door de rechtbank te bepalen rechtszitting ten verzoeke van UPS zal worden gedagvaard teneinde op de eis tot vrijwaring te antwoorden en voort te procederen. UPS stelt daartoe dat uit de dagvaarding blijkt dat PPW de koopprijs van een door [eiseres] aan PPW verkochte zending gedroogde papaver niet heeft voldaan. Voor het geval [eiseres] die niet voldane koopprijs op de in de dagvaarding genoemde gronden op UPS kan verhalen, heeft UPS er in haar visie belang bij dat zij haar veroordeling op de werkelijke schuldenaar PPW kan afwentelen.
2.6 [eiseres] verweert zich tegen de vordering tot oproeping in vrijwaring met de stelling dat UPS nalaat de rechtsgrond van haar vordering jegens PPW te vermelden.
2.7 De rechtbank overweegt hieromtrent als volgt. In de door UPS gestelde feiten kan een verplichting tot vrijwaring van PPW besloten liggen. Wel moet aan [eiseres] worden toegegeven dat de stellingen van UPS hieromtrent vooralsnog zeer summier zijn. Zulks is echter wellicht mede te wijten aan het feit dat [eiseres] bij dagvaarding niet geheel helder maakt in welke concrete op UPS als expediteur rustende verplichtingen UPS in de visie van [eiseres] is tekortgeschoten. Bij dagvaarding onder 7 noemt [eiseres] specifiek verplichtingen die zouden voortvloeien uit artikel 8:63 lid 3 Burgerlijke Pro Wetboek (BW). Artikel 8:63 lid 3 BW Pro verwijst naar het eerste lid. Het is - ook - de rechtbank zonder toelichting - die ontbreekt - niet duidelijk in welke van de in artikel 8:63 lid 1 BW Pro genoemde verplichtingen UPS in de visie van [eiseres] is tekortgeschoten. Dit zal echter in de hoofdzaak dienen te worden beoordeeld. De vordering in dit incident zal worden toegewezen.
2.8 De uitspraak over de kosten in de incidenten zal worden aangehouden tot de einduitspraak in de hoofdzaak.
3 De beslissing
De rechtbank,
in het incident tot onbevoegdheid:
wijst de vorderingen van UPS af;
reserveert de uitspraak over de kosten tot de einduitspraak in de hoofdzaak;
in het incident tot oproeping in vrijwaring:
staat UPS toe om Priority Placement Worldwide (hierna: PPW), gevestigd te Vancouver (Canada), te dagvaarden tegen de roldatum van woensdag 17 september 2008 teneinde op de eis in vrijwaring te antwoorden en voort te procederen;
reserveert de uitspraak over de kosten tot de einduitspraak in de hoofdzaak;
in de hoofdzaak:
bepaalt dat de zaak wederom zal worden uitgeroepen ter rolle van 2 juli 2008 voor conclusie van antwoord.
Dit vonnis is gewezen door mr. C. Bouwman.
Uitgesproken in het openbaar.
1729