ECLI:NL:RBROT:2008:BD9618
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake terinzagelegging stukken en vertrouwelijkheid
Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen het ter inzage leggen van stukken door verweerder in de voorbereidingsfase van een besluit, alsmede tegen de beoordeling van de vertrouwelijkheid van bepaalde documenten. Verzoekster wilde voorkomen dat specifiek belanghebbenden inzage zouden krijgen en dat deze partijen een zienswijze konden geven.
De rechtbank stelt vast dat het ter inzage leggen van stukken een feitelijke handeling betreft en geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht is. De correspondentie over vertrouwelijkheid betreft geen publiekrechtelijke rechtshandeling die als besluit kan worden aangemerkt. Rechtsbescherming tegen deze feitelijke handelingen moet via de burgerlijke rechter worden gezocht.
De voorzieningenrechter concludeert dat de bezwaren van verzoekster niet-ontvankelijk zijn en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door mr. J.H. de Wildt op 14 juli 2008.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het ter inzage leggen van stukken en de vertrouwelijkheidsbeoordeling wordt afgewezen.