ECLI:NL:RBROT:2008:BF1832
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bestuurdersaansprakelijkheid wegens onvoldoende persoonlijk ernstig verwijt
De Stichting Werkgeversinstituut Sociaal Cultureel Werk Rotterdam (WGI) vorderde van de bestuurders van een kinderopvangstichting persoonlijke aansprakelijkheid voor niet-betaalde salariskosten en rechtsbijstandskosten. De Stichting had een aansluitingsovereenkomst gesloten met WGI, waarbij WGI werknemers in dienst nam en detacheerde. De Stichting beschikte slechts over een tijdelijke vergunning die per 1 juni 2003 eindigde en had financiële problemen.
WGI stelde dat het bestuur van de Stichting wist of behoorde te weten dat de Stichting haar verplichtingen niet zou kunnen nakomen en dat zij onrechtmatig handelden door de overeenkomst aan te gaan zonder WGI te informeren. De rechtbank oordeelde dat alleen bij een persoonlijk en ernstig verwijt aansprakelijkheid kan worden aangenomen, en dat dit niet het geval was voor de bestuurders. De bestuurders hadden geen onjuiste mededelingen gedaan die de schijn van kredietwaardigheid wekten.
Ten aanzien van de individuele bestuurders stelde de rechtbank dat onvoldoende feiten waren gesteld om een persoonlijk verwijt aan te tonen. Ook het ontbreken van formele inschrijving als bestuurder was niet doorslaggevend. De vorderingen tegen alle bestuurders werden afgewezen en WGI werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot bestuurdersaansprakelijkheid wordt afgewezen wegens onvoldoende persoonlijk ernstig verwijt.