ECLI:NL:RBROT:2008:BF1961
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betwisting betaling OZB en schadevergoeding na verkoop kantoorgebouw
De Admiraliteit verkocht een kantoorgebouw aan HFS Hypo, die HFS Immobilienfonds aanstelde als koper. In de leveringsakte is bepaald dat de onroerende zaakbelasting (OZB) vanaf 1 oktober 2001 voor rekening van de koper komt. De Admiraliteit had de aanslag toen nog niet ontvangen en betaalde later de OZB. HFS Immobilienfonds stelde betaling op te schorten totdat De Admiraliteit bewijs van betaling aan de Belastingdienst zou leveren.
De rechtbank oordeelde dat dit opschortingsrecht terecht was, zodat HFS Immobilienfonds niet in verzuim was en geen wettelijke rente verschuldigd was. De vordering tot betaling van de hoofdsom werd afgewezen omdat betaling na comparitie had plaatsgevonden.
Daarnaast vordert De Admiraliteit schadevergoeding wegens vermeende onrechtmatige gedragingen van HFS Hypo en HFS Immobilienfonds, die volgens haar tijdens een periode van vijftien werkdagen overleg met huurder Center Parcs hadden gevoerd en daarmee de mogelijkheid tot het verkrijgen van een verklaring voor vrijgave van depot belemmerden. De rechtbank acht deze stellingen concreet genoeg om bewijslevering toe te staan.
De rechtbank bepaalt dat partijen getuigen kunnen doen horen over het vermeende overleg en de gevolgen daarvan. Tevens wordt bepaald dat De Admiraliteit in een volgende conclusie de omvang van haar schade en buitengerechtelijke incassokosten moet specificeren en onderbouwen.
De uitspraak bevat een gedetailleerde procedurele regeling voor bewijslevering en getuigenverhoren, waarbij de rechtbank een zorgvuldige afweging maakt tussen contractuele verplichtingen, opschortingsrechten en bewijsverplichtingen.
Uitkomst: Koper mag betaling OZB opschorten tot bewijs van betaling door verkoper is geleverd; bewijslevering toegestaan over vermeende onrechtmatige gedragingen omtrent huurverlaging.