ECLI:NL:RBROT:2008:BG6225
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek kantonrechter wegens ontbreken van onpartijdigheid
In deze zaak heeft verzoeker een wrakingsverzoek ingediend tegen de kantonrechter die zijn kort geding behandelde. Het verzoek was ingegeven door een incident tijdens de zitting waarbij de rechter en de raadsman van verzoeker een verhitte discussie hadden over de noodzaak van een tolk en culturele opmerkingen.
De wrakingskamer heeft het dossier bestudeerd en de zitting van 18 november 2008 geëvalueerd. Hoewel het debat tussen partijen en de rechter hoog opliep, is dit gesust nadat de kantonrechter instemde met een uitstel om de tolk te regelen. De rechter wist de orde te herstellen en de behandeling voort te zetten.
De rechtbank benadrukt dat een rechter uit hoofde van zijn functie wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er uitzonderlijke omstandigheden zijn die het tegendeel aantonen. De eerdere ervaringen van de raadsman met andere rechters kunnen geen grond zijn voor wraking van deze specifieke kantonrechter.
Daarom wordt het wrakingsverzoek afgewezen, waarbij wordt onderstreept dat het hoog oplopen van emoties tijdens een terechtzitting niet automatisch wijst op vooringenomenheid.
Uitkomst: Het verzoek tot wraking van de kantonrechter wordt afgewezen wegens ontbreken van objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid.