ECLI:NL:RBROT:2008:BG6643

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
11 december 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
318282/KG ZA 08-1031 en 318292/KG ZA 08-1032
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3:303 BWRechtsbeschermingsrichtlijn 89/665/EEG
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vorderingen niet-inschrijvers aanbesteding openbaar vervoer wegens gebrek aan belang

In deze kort geding procedure bij de Rechtbank Rotterdam vorderden Arriva en Connexxion heraanbesteding van een aanbesteding voor openbaar vervoer. Beide partijen hadden echter bewust besloten niet in te schrijven op de aanbesteding, waardoor zij het risico liepen dat de opdracht aan een ander gegund zou worden.

De voorzieningenrechter oordeelde dat het ontbreken van inschrijving in beginsel betekent dat de aanbestedingsprocedure hen niet aangaat en dat zij onvoldoende belang hebben om hun vorderingen te ondersteunen. Gezien de Rechtsbeschermingsrichtlijn 89/665/EEG en artikel 3:303 BW Pro werd echter onderzocht of er uitzonderlijke omstandigheden waren die een ander oordeel rechtvaardigden.

De voorzieningenrechter concludeerde dat de bezwaren van Arriva en Connexxion tegen de inschrijving van Qbuzz onvoldoende uitzonderlijk waren en dat er geen sprake was van een flagrant geval van verboden staatssteun dat de vrije mededinging in gevaar bracht. Daarom werden de vorderingen afgewezen en werden Arriva en Connexxion veroordeeld in de proceskosten.

Uitkomst: Vorderingen van Arriva en Connexxion tot heraanbesteding worden afgewezen wegens gebrek aan voldoende belang.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM
Sector civiel recht
Zaak-/rolnummers: 318282/KG ZA 08-1031 en 318292/KG ZA 08-1032
Uitspraak: 11 december 2008
VERKORT VONNIS in kort geding in de gevoegde zaken van:
318282/KG ZA 08-1031:
de naamloze vennootschap ARRIVA OPENBAAR VERVOER N.V.,
gevestigd te Heerenveen,
eiseres,
advocaat mr. M.J.J.M. Essers,
- tegen -
1. de publiekrechtelijke rechtspersoon STADSREGIO ROTTERDAM,
zetelend te Rotterdam,
gedaagde,
advocaten mr. G. Verberne en mr. E.W.F. Schotanus;
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid QBUZZ B.V.,
gevestigd te Amersfoort,
gedaagde,
advocaten mr. P.F.C. Heemskerk en mr. J.M.M. van de Hel
en 318292/KG ZA 08-1032:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid CONNEXXION TAXI SERVI-CES B.V.,
gevestigd te Haarlem,
eiseres,
verweerster in het incident tot tussenkomst,
advocaten mr. J.F. van Nouhuys en mr. S. Verschuur
- tegen -
de publiekrechtelijke rechtspersoon STADSREGIO ROTTERDAM,
zetelend te Rotterdam,
gedaagde,
verweerster in het incident tot tussenkomst,
advocaten mr. G. Verberne en mr. E.W.F. Schotanus
- en tegen -
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid QBUZZ B.V.,
gevestigd te Amersfoort,
gedaagde,
eiseres in het incident tot tussenkomst,
advocaten mr. P.F.C. Heemskerk en mr. J.M.M. van de Hel.
Partijen worden hierna aangeduid als respectievelijk “Arriva”, “de Stadsregio”, “QBuzz” en “Connexxion”.
1. De beoordeling
1.1
QBuzz heeft verzocht te mogen tussenkomen in de zaak van Connexxion tegen de Stadsre-gio. Ter zitting van 9 december 2008 hebben Connexxion en de Stadsregio - na aanvankelij-ke bezwaren - verklaard geen bezwaar te hebben tegen de tussenkomst. De voorzieningen-rechter heeft daarop de tussenkomst toegestaan.
1.2
Arriva en Connexxion hebben weloverwogen en eigener beweging besloten niet in te schrij-ven op de aanbesteding. Daardoor hebben zij het risico genomen dat de opdracht aan een ander gegund zou worden. Dat betekent dat de aanbestedingsprocedure hen in beginsel niet aangaat.
1.3
Tegen de achtergrond van de Rechtsbeschermingsrichtlijn 89/665/EEG en gelet op de vor-deringen, die strekken tot heraanbesteding, is de voorzieningenrechter echter van oordeel dat uit de enkele omstandigheid dat Arriva en Connexxion niet hebben ingeschreven in dit geval niet zonder meer het ontbreken van een belang als door artikel 3:303 BW Pro vereist voortvloeit, met name omdat, nu er maar één inschrijver is, er alsdan geen sprake is van an-deren (dan niet-inschrijvers) die kunnen klagen en om een heraanbesteding kunnen vragen. Voor het aanwezig achten van zodanig, rechtens te respecteren, belang bij de huidige vorde-ringen is echter meer nodig dan de huidige bezwaren van Arriva en Connexxion tegen de inschrijving van Qbuzz. Er is, naar het voorlopige oordeel van de voorzieningenrechter, geen sprake van een, ook voor Stadsregio evident, flagrant geval van verboden staatssteun dat de vrije mededinging in dit deel van de vervoerssector in de kern bedreigt. Voor het ove-rige leveren de door Arriva en Connexxion aangevoerde bezwaren onvoldoende uitzonder-lijke omstandigheden op, nog daargelaten dat niet vast staat dat die bezwaren ertoe zouden hebben moeten leiden dat een (her)aanbestedingsprocedure had moeten volgen waarin Arri-va en(/of) Connexxion had(den) kunnen meedingen naar deze opdracht.
1.4
Arriva en Connexxion worden dus niet ontvangen in hun vorderingen.
1.5
Als de in het ongelijk gestelde partijen worden Arriva en Connexxion veroordeeld in de proceskosten.
2. De beslissing
De voorzieningenrechter,
in de zaak met zaak/rolnummer 318282/KG ZA 08-1031
wijst de vordering van Arriva af in al haar onderdelen;
veroordeelt Arriva in de proceskosten, die aan de zijde van de Stadsregio zijn bepaald op
€ 254,-- aan verschotten en € 816,-- aan salaris voor de advocaat;
veroordeelt Arriva in de proceskosten, die aan de zijde van Qbuzz zijn bepaald op € 254,--aan verschotten en € 816,-- aan salaris voor de advocaat,
in de zaak met zaak/rolnummer 318292/KG ZA 08-1032
wijst de vordering van Connexxion af in al haar onderdelen;
veroordeelt Connexxion in de proceskosten, die aan de zijde van de Stadsregio zijn bepaald op € 254,-- aan verschotten en € 816,-- aan salaris voor de advocaat;
veroordeelt Connexxion in de proceskosten, die aan de zijde van Qbuzz zijn bepaald op
€ 254,-- aan verschotten € 816,-- en aan salaris voor de advocaat.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.F.G.T. Hofmeijer-Rutten, voorzieningenrechter, in tegen-woordigheid van mr. J.F. de Heer, griffier.
Uitgesproken in het openbaar.
901/106