ECLI:NL:RBROT:2008:BG8337
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen stilzwijgende of schijn van volmachtverlening door Hyper Hyper aan persoon 1
In deze civiele zaak vordert 1Management dat de rechtbank vaststelt dat tussen haar en Hyper Hyper c.s. een overeenkomst is gesloten via persoon 1, op grond van stilzwijgende of schijn van volmachtverlening. 1Management baseert haar vordering op e-mailcorrespondentie en de vele werkzaamheden die persoon 1 voor Hyper Hyper verrichtte.
Hyper Hyper c.s. betwist deze stellingen en voert aan dat er geen gedragingen of verklaringen zijn die een schijn van volmachtverlening rechtvaardigen. De rechtbank stelt vast dat 1Management de bewijslast draagt en dat de overgelegde correspondentie onvoldoende aanknopingspunten biedt voor het aannemen van stilzwijgende volmacht.
De rechtbank oordeelt dat het vertrouwen op verklaringen van persoon 1 niet toereikend is om Hyper Hyper te binden, en dat ook het voortbestaan van een situatie of niet-doen door Hyper Hyper niet is vastgesteld. Hierdoor faalt de grondslag voor het aannemen van een overeenkomst via persoon 1.
De vordering van 1Management wordt afgewezen en de proceskosten worden aan haar opgelegd. De rechtbank staat Hyper Hyper toe bewijs te leveren over een andere geschilpunt betreffende een ingekorte set gedraaid door persoon 2, en houdt verdere beslissing aan totdat dit bewijs is geleverd.
Uitkomst: De vordering van 1Management wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van volmachtverlening.