ECLI:NL:RBROT:2009:BH4831
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding koopovereenkomst herenhuis wegens niet-vervulde ontbindende voorwaarde bestemmingswijziging
Op of omstreeks 22 juni 2007 sloten partijen een mondelinge koopovereenkomst voor een herenhuis te Rotterdam, met een koopsom van €1.200.000. De koopakte, ondertekend in augustus 2007, bevatte een ontbindende voorwaarde dat de koper de koop kon ontbinden indien de gemengde bestemming van het pand niet kon worden omgezet naar een volledige woonbestemming vóór 20 september 2007.
De koper heeft op 19 september 2007 binnen de contractuele bedenktijd van drie dagen de koop ontbonden omdat de onherroepelijke bestemmingswijziging niet was verkregen. De verkoper stelde dat de koper onterecht ontbonden had en vorderde een contractuele boete van €120.000 wegens wanprestatie.
De rechtbank oordeelde dat het pand feitelijk een kantoorpand betrof en dat de wettelijke bedenktijd van artikel 7:2 BW Pro niet van toepassing was. Wel was de contractuele bedenktijd van drie dagen van toepassing. De ontbindende voorwaarde in artikel 19 was Pro rechtsgeldig en kon worden ingeroepen omdat geen onherroepelijke bestemmingswijziging was verkregen. De koper had derhalve terecht ontbonden en was niet tekortgeschoten in de nakoming. De vorderingen van de verkoper werden afgewezen en zij werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de koopovereenkomst rechtsgeldig is ontbonden door de kopers en wijst de vorderingen van de verkopers af.