ECLI:NL:RBROT:2009:BH5398
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van den Broek-Prins
- De Gruijl-Van Benthem
- Van Driel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verlenging machtiging gesloten jeugdzorg voor 18-jarige
De stichting Bureau Jeugdzorg Stadsregio Rotterdam verzocht om verlenging van de machtiging om een 18-jarige minderjarige in gesloten jeugdzorg te doen verblijven, in afwachting van het hoger beroep tegen zijn opgelegde PIJ-maatregel. De minderjarige verbleef op een gesloten crisisplaats en had nog geen behandeling ontvangen.
De rechtbank overwoog dat de Wet op de jeugdzorg artikel 29a beoogt de leeftijdsgrens voor gedwongen jeugdzorg op te rekken tot 21 jaar, mits sprake is van voortzetting van een behandeltraject dat vóór het 18e jaar is aangevangen en er ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen zijn die gesloten jeugdzorg rechtvaardigen. In deze zaak was geen sprake van een voortgezet behandeltraject en waren de vooruitzichten op behandeling onduidelijk.
Daarnaast oordeelde de rechtbank dat vrijheidsontneming van meerderjarigen op overwegend opvoedkundige gronden niet verenigbaar is met artikel 5 EVRM Pro. Het arrest Koniarska v. UK en het advies van de Raad van State werden hierbij betrokken. Ook een mogelijke overbruggingsfase zoals in het arrest Eriksen v. Norway was hier niet van toepassing.
De rechtbank concludeerde dat het verzoek niet aan de wettelijke en internationale vereisten voldoet en wees het af. Het hoger beroep tegen deze beschikking kan door een advocaat binnen drie maanden worden ingesteld.
Uitkomst: Het verzoek tot verlenging van de machtiging voor gesloten jeugdzorg wordt afgewezen wegens ontbreken van voortzetting van een behandeltraject en strijd met het EVRM.