ECLI:NL:RBROT:2009:BI1538
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van der Kaaij
- Van den Hurk
- Verloop
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak voor aanrijding onder invloed zonder causaal verband met ongeval
Op 21 november 2008 reed de verdachte onder invloed van alcohol op de Coolsingel in Rotterdam toen een voetgangster plotseling de rijbaan opliep en werd aangereden, waarbij zij overleed. De rechtbank stelde vast dat het rijden onder invloed bewezen was, maar dat er geen causaal verband bestond tussen het alcoholgebruik en het ongeval, omdat het slachtoffer onverwacht de rijbaan betrad en elk ander voertuig haar ook had kunnen aanrijden.
De officier van justitie eiste een gevangenisstraf en rijontzegging wegens aanmerkelijk onoplettend rijden onder invloed met dodelijk gevolg. De verdediging pleitte vrijspraak van de ernstiger tenlasteleggingen. De rechtbank oordeelde dat het verwijtbare gedrag van de verdachte beperkt bleef tot het rijden onder invloed, maar dat dit niet de oorzaak was van het ongeval.
De verdachte werd vrijgesproken van de artikelen 5 en 6 van de Wegenverkeerswet 1994, die betrekking hebben op gevaarzetting en schuld aan een verkeersongeval. Wel werd hij veroordeeld voor het rijden met een alcoholpromillage van 545 microgram per liter uitgeademde lucht, wat boven de wettelijke limiet ligt. De straf bestond uit een geldboete van €550 en een rijontzegging van zes maanden. De vordering van de benadeelde partij werd afgewezen wegens gebrek aan rechtstreeks verband met het bewezen feit.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van schuld aan dodelijk ongeval, veroordeeld voor rijden onder invloed met geldboete en rijontzegging.