ECLI:NL:RBROT:2009:BI2237
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding vaststellingsovereenkomst wegens niet tijdige betaling en gevolgen herleving CTG-overeenkomst
De zaak betreft een geschil tussen Anode B.V. en D. en G. Flowers B.V. over de nakoming van betalingsverplichtingen uit hoofde van een vaststellingsovereenkomst, die was aangegaan om financiële problemen van D&G op te vangen. De vaststellingsovereenkomst bevatte een ontbindende voorwaarde die vervuld zou zijn bij niet tijdige betaling door D&G.
D&G betaalde meerdere termijnen te laat, waaronder een betaling die ruim twee weken na de vervaldatum werd ontvangen. Anode stelde dat hierdoor de ontbindende voorwaarde was vervuld en de vaststellingsovereenkomst was ontbonden, waardoor de oorspronkelijke CTG-overeenkomst weer van kracht werd. D&G betwistte dit en voerde aan dat geringe termijnoverschrijdingen niet tot ontbinding mochten leiden en dat het beroep op de ontbindende voorwaarde misbruik van recht zou zijn.
De rechtbank concludeerde dat de ontbindende voorwaarde duidelijk en ondubbelzinnig was geformuleerd en dat iedere termijnoverschrijding ertoe leidde dat de overeenkomst werd ontbonden. D&G had onvoldoende feiten aangevoerd om hiervan af te wijken. Het beroep op strijd met redelijkheid en billijkheid faalde, mede omdat D&G als professionele partij niet tijdig had betaald en Anode een aanzienlijk financieel belang had bij stipte betaling.
De ontbinding van de vaststellingsovereenkomst leidde tot herleving van de CTG-overeenkomst, waardoor D&G gehouden was tot betaling van opeisbare vorderingen en termijnverplichtingen. De rechtbank veroordeelde D&G tot betaling van € 98.981,63 met rente vanaf 25 juni 2008 en in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de ontbindende voorwaarde vervuld en veroordeelt D&G tot betaling van € 98.981,63 met rente vanaf 25 juni 2008.