ECLI:NL:RBROT:2009:BI2422
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.F.L.M. van der Grinten
- W.J.J. Wetzels
- O.E.M. Leinarts
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen kantonrechter wegens vermeende bedreiging en partijdigheid
In een civiele procedure bij de kantonrechter te Rotterdam stelde verzoekster dat zij en haar directeur tijdens getuigenverhoren door de wederpartij waren bedreigd. Verzoekster vorderde wraking van de kantonrechter wegens vermeende partijdigheid en onvoldoende optreden tegen deze bedreigingen.
De wrakingskamer heeft het dossier bestudeerd, waaronder de proces-verbalen van de zittingen van 5 februari en 11 maart 2009. Tijdens de zitting van 14 april 2009 lichtten zowel de directeur van verzoekster als de kantonrechter hun standpunten toe. De gemachtigde van verzoekster was afwezig maar refereerde aan het oordeel van de wrakingskamer.
De wrakingskamer oordeelde dat de kantonrechter op correcte wijze had gehandeld ten aanzien van de bedreigingen en dat er geen objectieve grond was voor het vermoeden van partijdigheid. De vrees van verzoekster voor haar veiligheid werd erkend, maar het verzoek tot wraking werd ongegrond verklaard. Verzoekster werd gewezen op de mogelijkheid om aangifte te doen bij de politie.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kantonrechter is afgewezen wegens het ontbreken van aanwijzingen voor partijdigheid en correcte behandeling van de bedreigingen.