ECLI:NL:RBROT:2009:BI6299
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verjaring en bewijs van compensatietoezegging in vastgoedgeschil tussen Fortress en VastNed
In deze civiele procedure tussen Fortress Vastgoed Rotterdam B.V. en VastNed Offices / Industrial N.V. en VastNed Industrial B.V. staat de vraag centraal of de vordering van Fortress tot schadevergoeding wegens niet-nakoming van een compensatietoezegging is verjaard. Fortress baseert haar vordering op een onvoorwaardelijke of voorwaardelijke toezegging van VastNed c.s. tot compensatie in verband met de erfpachtcanon van het object Scharenburg.
De rechtbank stelt vast dat de primaire vordering van Fortress is gewijzigd en dat zij schadevergoeding vordert wegens niet-nakoming van de compensatietoezegging. VastNed c.s. betwist dat sprake is van een bindende overeenkomst en voert verjaring aan. De rechtbank oordeelt dat de verjaringstermijn van vijf jaar van artikel 3:307 BW Pro van toepassing is en dat stuitingshandelingen in april en november 2003 de verjaring hebben onderbroken, waardoor de dagvaarding van februari 2005 tijdig is.
Het subsidiaire beroep van Fortress op dwaling wordt afgewezen omdat deze vordering later is ingesteld en de verjaringstermijn van twee jaar is verstreken. De rechtbank laat Fortress toe bewijs te leveren, onder meer door het horen van getuigen, over de compensatietoezegging. Verdere beslissingen over de reikwijdte van de voorwaarde voor verrekening en het verzuim van VastNed c.s. worden aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank laat Fortress toe bewijs te leveren over de compensatietoezegging en houdt verdere beslissing aan.