ECLI:NL:RBROT:2009:BI7012
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Damsteegt
- Rechtspraak.nl
Weigering DNB om terug te komen van onherroepelijke last onder dwangsom
De Stichting Pensioenfonds Onafhankelijke Raadgevend Actuarissen (SPORA) stelde beroep in tegen het besluit van De Nederlandsche Bank (DNB) om niet terug te komen op een onherroepelijke last onder dwangsom die op 13 juli 2006 aan SPORA was opgelegd. Deze last hield in dat SPORA bepaalde stukken moest verstrekken op grond van artikel 10b van de Pensioen- en spaarfondsenwet (PSW).
SPORA betoogde dat de last onrechtmatig was omdat deze was gebaseerd op een onjuiste wettelijke grondslag; de PSW was niet van toepassing, maar de Wet verplichte beroepspensioenregeling (Wvb). DNB erkende deze fout, maar stelde dat zij op basis van de Wvb een identieke last had kunnen opleggen. De rechtbank oordeelde dat dit geen nieuw feit of gewijzigde omstandigheid vormde die rechtvaardigde dat DNB terugkwam op het onherroepelijke besluit.
De rechtbank benadrukte dat het bezwaar en beroep zich niet richten op het oorspronkelijke besluit zelf, maar op de weigering van DNB om daarvan af te zien. Omdat er geen bijzondere omstandigheden waren die een uitzondering op de formele rechtskracht van het besluit rechtvaardigden, werd het beroep ongegrond verklaard. De rechtbank zag geen aanleiding tot veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep van SPORA ongegrond en handhaaft de weigering van DNB om terug te komen op de last onder dwangsom.