ECLI:NL:RBROT:2009:BJ2545

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
13 maart 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
AWB 08 / 3137 WET-T1
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:7 AwbArt. 6:8 AwbArt. 6:11 Awb
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens overschrijding beroepstermijn planschadevergoeding

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bernisse waarin bezwaar tegen planschadevergoedingen werd afgewezen. Het beroep is per fax ingediend op 1 augustus 2008, terwijl de beroepstermijn zes weken bedroeg en begon te lopen op 20 juni 2008, de dag na de bekendmaking van het besluit op 19 juni 2008. Hierdoor was het beroep te laat ingediend.

De rechtbank heeft vastgesteld dat eiseres geen gronden heeft aangevoerd die de termijnoverschrijding verschoonbaar maken. Op grond van artikel 6:11 van Pro de Algemene wet bestuursrecht kan een na termijn ingediend beroepschrift toch ontvankelijk worden verklaard indien niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest, maar dit is niet het geval.

Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en ziet zij geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten. De uitspraak is direct na de zitting mondeling gedaan op 13 maart 2009.

Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn zonder verschoonbare reden.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM
Sector Bestuursrecht
Meervoudige kamer
Reg.nr.: AWB 08/3137 WET-T1
Proces-verbaal mondelinge uitspraak
gedaan op 13 maart 2009 in het geding tussen
[naam], gevestigd te [plaats], eiseres,
vertegenwoordigd door G. de Vries,
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bernisse, verweerder.
Na de sluiting van het onderzoek ter zitting op 13 maart 2009 heeft de rechtbank onmiddellijk mondeling uitspraak gedaan. De beslissing en de gronden van de beslissing luiden als volgt.
Beslissing
De rechtbank,
rechtdoende:
verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Gronden
Bij besluit van 17 juni 2008 heeft verweerder het bezwaar van eiseres tegen drie besluiten inzake planschadevergoeding van 20 februari 2007 ongegrond verklaard.
Eiseres heeft bij fax van 1 augustus 2008 beroep ingesteld.
Op grond van artikel 6:7 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) is de termijn voor het indienen van een beroepschrift zes weken. Gelet op artikel 6:8, eerste lid, van de Awb vangt deze termijn aan met ingang van de dag na die waarop het besluit op de voorgeschreven wijze is bekendgemaakt.
Het besluit is door verzending bekend gemaakt op 19 juni 2008, zo blijkt uit de op het besluit aangebrachte stempel. Namens eiseres is ter zitting verklaard dat het stempel met de datum 20 juni 2008 dat ook op het door haar bij het beroepschrift meegestuurde exemplaar van het bestreden besluit staat, haar eigen ontvangststempel is. Uitgaande van een verzenddatum van 19 juni 2008 vangt de beroepstermijn aan op 20 juni 2008. Dit betekent dat de termijn eindigde op 31 juli 2008 en niet op 1 augustus 2008 zoals eiseres stelt. Bij het instellen van het beroep is de termijn overschreden.
Artikel 6:11 van Pro de Awb bepaalt dat ten aanzien van een na afloop van de termijn ingediend beroepschrift niet-ontvankelijkverklaring op grond daarvan achterwege blijft indien rede¬lij¬kerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest.
Eiseres heeft niets aangevoerd op grond waarvan geoordeeld zou moeten worden dat eiseres niet in verzuim is geweest. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk, zodat voortzetting van het onderzoek niet nodig is.
Voor een veroordeling in de proceskosten ziet de rechtbank geen aanleiding.
Aldus gedaan door mr. P. Vrolijk, voorzitter, en mr. A.I. van Strien en mr. R.H.L. Dallinga, leden, in tegenwoordigheid van M.B. van Zantvoort, griffier.
De griffier: De voorzitter:
Een belanghebbende - onder wie in elk geval eiseres wordt begrepen - en verweerder kunnen tegen deze uitspraak hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA 's-Gravenhage. De termijn voor het indienen van het beroepschrift is zes weken en vangt aan met ingang van de dag na die waarop het afschrift van deze uitspraak is verzonden.
Afschrift verzonden op: