ECLI:NL:RBROT:2009:BJ3698
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.E. Merens
- Rechtspraak.nl
Faillietverklaring en afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens onvolledig verzoek
De Rechtbank Rotterdam behandelde het verzoek tot faillietverklaring van verweerster, waarbij tevens een verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling was ingediend. Dit schuldsaneringsverzoek was incompleet doordat de vereiste verklaring ex artikel 285 Faillissementswet Pro ontbrak. Verweerster gaf aan dat deze verklaring niet beschikbaar was omdat een minnelijk traject met schuldeisers nog niet was opgestart en minimaal vier maanden zou duren.
De rechtbank oordeelde dat het belang van verzoekster bij faillietverklaring zwaarder woog dan het belang van verweerster bij behandeling van het schuldsaneringsverzoek. Er was summier bewijs van het vorderingsrecht van verzoekster en van het feit dat verweerster haar betalingen had gestaakt. Tevens werd vastgesteld dat de rechtbank bevoegd was om de insolventieprocedure te openen, aangezien het centrum van voornaamste belangen van verweerster in Nederland lag.
Daarom werd verweerster in staat van faillissement verklaard, het verzoek tot schuldsanering afgewezen, een rechter-commissaris benoemd en een curator aangesteld met de bevoegdheid tot het openen van post gericht aan de gefailleerde. De uitspraak vond plaats op 9 juli 2009 na een zitting op 7 juli 2009.
Uitkomst: Verweerster wordt failliet verklaard en het verzoek tot schuldsanering wordt afgewezen wegens een incompleet verzoek.