ECLI:NL:RBROT:2009:BJ3867
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot voorlopige voorziening inzake kostenoverzicht en schorsing Postregeling 2009 afgewezen
Verzoekster, Koninklijke TNT Post B.V., maakte bezwaar tegen de Postregeling 2009 en het besluit tot aanwijzing als verlener van de universele postdienst (UPD). Verweerder I legde een last onder dwangsom op wegens het niet overleggen van een kostenoverzicht per onderscheiden postvervoerdienst, zoals vereist in de Postregeling 2009. Verzoekster betoogde dat deze verplichting niet op een wettelijke grondslag berustte en dat de last disproportioneel was.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de Postregeling 2009 als algemeen verbindend voorschrift kwalificeert en dat verzoekster terecht werd verplicht het kostenoverzicht te verstrekken. Het vertrouwensbeginsel faalde omdat geen ondubbelzinnige toezegging was gedaan dat de kosten niet per dienst hoefden te worden berekend. De dwangsom was gerechtvaardigd, maar de begunstigingstermijn van tien werkdagen en de per dag te verbeuren dwangsom waren onredelijk. Daarom werd de termijn verlengd tot 15 augustus 2009 en de dwangsom aangepast naar € 250.000 per week met een maximum van € 1.000.000.
Het verzoek tot schorsing van de artikelen 13 en 15 van de Postregeling 2009 en het besluit tot aanwijzing als UPD-verlener werd afgewezen. De voorzieningenrechter stelde dat de aanwijzing een eenmalige wettelijke maatregel is en dat de aangevoerde rechtsvragen niet geschikt zijn voor voorlopige voorziening. Verzoekster werd in de proceskosten van € 1.288 en het griffierecht van € 297 door verweerder I vergoed.
Uitkomst: Verzoek tot schorsing last onder dwangsom toegewezen met verlenging begunstigingstermijn en aangepaste dwangsom; overige verzoeken afgewezen.