ECLI:NL:RBROT:2009:BJ6175
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Fiege
- Rechtspraak.nl
Vernietiging brandverzekering wegens onjuiste informatie over betrokkenheid bij hennepkwekerij
CTB exploiteert een onderneming die substraten produceert voor paddenstoelen en had een brand- en bedrijfsschadeverzekering afgesloten bij HDI. In 1999 was er brand in een bedrijfspand van CTB waar vermoedelijk een hennepkwekerij was gevestigd. In 2003 werd de directeur van CTB in verzekering gesteld wegens betrokkenheid bij een hennepkwekerij op het bedrijfsterrein. HDI weigerde aanvankelijk de verzekering vanwege de hennepkwekerij, maar sloot deze later toch af na gesprekken en een bedrijfsbezoek.
In juli 2003 brak brand uit in de opslaghal van CTB. HDI stelde de polis vernietigbaar wegens verzwijging van de juiste omvang van de betrokkenheid bij de hennepkwekerij en een beroep op de NEN1010-clausule. De rechtbank nam aan dat de directeur in verregaande mate betrokken was bij de hennepkwekerij en dat HDI onjuist en onvolledig was voorgelicht. CTB leverde geen tegenbewijs.
De rechtbank oordeelde dat HDI de verzekering rechtsgeldig had vernietigd en niet tot uitkering gehouden was. De vordering van CTB werd afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De verzekering is rechtsgeldig vernietigd wegens onjuiste en onvolledige informatie over betrokkenheid bij hennepkwekerij; vordering afgewezen.