ECLI:NL:RBROT:2009:BJ8571
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.H. Veling
- Rechtspraak.nl
Beslissing op verzoek rogatoire commissie voor getuigenverhoor in Amerikaanse zaak met voorwaarden
In deze civiele zaak heeft de rechtbank Rotterdam een verzoek tot rogatoire commissie behandeld, waarbij een Nederlandse getuige in een Amerikaanse fraudezaak over hedge funds zou worden gehoord. De verzoekende partij, Citco Fund Services N.V., wilde het verhoor in het Engels laten plaatsvinden met gebruik van stenografen en video-opnamen. De getuige maakte bezwaar tegen het Engels als voertaal en tegen video-opnamen.
De rechtbank oordeelde dat het verhoor in beginsel in het Nederlands moet plaatsvinden, met de mogelijkheid van vertaling bij Engelse vragen. Het gebruik van stenografen werd toegestaan, mede omdat de getuige zijn bezwaar daartegen had ingetrokken. Video-opnamen werden niet toegestaan vanwege het bezwaar van de getuige en het beperkte meerwaarde ten opzichte van stenografische verslagen.
Verder stelde de rechtbank vast dat het verzoek niet volledig voldeed aan het Haags Bewijsverdrag, met name vanwege te brede vraagstellingen ('fishing expedition') en onduidelijkheden over de te volgen procedures. Na specificatie van de vragen werden enkele vragen wel toelaatbaar bevonden. De rechtbank verwierp bezwaren tegen haar bevoegdheid en oordeelde dat het verzoek geen inbreuk maakt op de Nederlandse soevereiniteit.
Het verhoor werd gepland op 6 juni 2008, met een mogelijke tweede dag indien nodig. De rechtbank stelde voorwaarden voor de voorbereiding van de getuige, waaronder tijdige toezending van relevante documenten. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Verzoek tot rogatoire commissie wordt onder voorwaarden toegewezen, met Nederlands als voertaal en zonder video-opnamen.