ECLI:NL:RBROT:2009:BJ8968
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing incidentele vorderingen inzake overleggen vaststellingsovereenkomsten en correspondentie in geschil over transitdiensten tarieven
Eiseressen, bestaande uit Tele2 Nederland B.V., BT Nederland N.V., Colt Telecom B.V. en Priority Telecom Netherlands B.V., vorderen in de hoofdzaak dat KPN wordt veroordeeld wegens discriminatoir en niet-kostengeoriënteerd tariefbeleid met betrekking tot transitdiensten in 2002 en 2003. Ter onderbouwing van hun vorderingen vorderen zij incidenteel op grond van artikel 843a Rv afschrift en inzage van vaststellingsovereenkomsten en correspondentie tussen KPN en derden zoals Vodafone, Telfort en Orange.
KPN voert verweer tegen deze incidentele vorderingen met formele bezwaren omtrent bevoegdheid en ontvankelijkheid en inhoudelijke bezwaren dat eiseressen geen rechtmatig belang hebben bij de gevraagde stukken en dat de stukken niet betrekking hebben op een rechtsbetrekking waarbij eiseressen partij zijn. De rechtbank oordeelt dat de bevoegdheid en ontvankelijkheid van de rechtbank voor het incident niet in de weg staan en dat de vaststellingsovereenkomsten met derden ook onder een ruime interpretatie van artikel 843a Rv kunnen vallen.
De rechtbank stelt echter dat de incidentele vorderingen prematuur zijn, omdat eiseressen onvoldoende aannemelijk hebben gemaakt dat zij de stukken nu reeds nodig hebben voor een behoorlijke rechtsbedeling. KPN heeft het bestaan van de vaststellingsovereenkomsten bevestigd, en de noodzaak van inzage kan in de hoofdzaak aan de orde komen bij de bewijsvoering en schadebegroting. Daarom worden de incidentele vorderingen afgewezen en de beslissing over de proceskosten aangehouden tot het eindvonnis.
Uitkomst: De rechtbank wijst de incidentele vorderingen af wegens prematuriteit en houdt de beslissing over de proceskosten aan tot het eindvonnis.