ECLI:NL:RBROT:2009:BJ9569
Rechtbank Rotterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Voorwaarden en gevolgen van beslaglegging op bunkers en verhaal van schip Gulf Sheba
In deze zaak stonden meerdere kort geding procedures centraal betreffende beslagen op bunkers die eigendom zijn van Great Elephant en de positie van het schip Gulf Sheba. De rechtbank oordeelde dat de beslagen opgeheven moeten worden zodra genoegzame zekerheid wordt gesteld. Omdat Great Elephant zelf geen zekerheid kan stellen, werd overwogen dat Gulf Sheba als eigenaar van het schip of door overname van de bunkers zekerheid kan verschaffen.
De rechtbank stelde een constructie voor waarbij de certificaten van het schip in bewaring worden gegeven bij een deurwaarder totdat partijen overeenstemming bereiken over de zekerheid. Tevens werd bepaald dat de beslagen zonder risico kunnen worden opgeheven om verkoop mogelijk te maken, mits de gelden direct op een escrow-rekening worden gestort.
Verder werd bepaald dat Gulf Sheba en Great Elephant het schip binnen 24 uur moeten verplaatsen naar een specifiek ankergebied in de Noordzee en dat het schip dit gebied niet mag verlaten zolang de beslagen liggen. Diverse vorderingen van partijen werden afgewezen en de kosten werden gecompenseerd. De rechtbank legde ook dwangsommen op voor het niet naleven van de geboden.
Uitkomst: Het schip Gulf Sheba moet worden verhaald naar ankergebied 4 en beslagen kunnen worden opgeheven onder voorwaarden van zekerheid en escrow-betaling.