ECLI:NL:RBROT:2009:BK9064
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening en faillissementsaanvraag wegens trage schuldhulpverlening
Verzoeker, een eenpersoonshuishouding met een uitkering, heeft zich 16 maanden eerder aangemeld bij de Kredietbank Rotterdam (KBR) voor schuldhulpverlening. Ondanks de lange wachttijd is er nog geen duidelijkheid over een minnelijke regeling vanwege een trage werkwijze van de schuldhulpverlening.
Verzoeker vroeg de rechtbank om een voorlopige voorziening te treffen die het opschorten van de levering van gas, water en elektriciteit zou verbieden, om te voorkomen dat zijn inboedel openbaar verkocht zou worden wegens een vonnis tot betaling aan Evides. De rechtbank constateerde echter dat er geen dreigende afsluiting was.
De rechtbank oordeelde dat een dergelijke voorziening alleen kan worden toegewezen in het kader van een reguliere aanvraagprocedure voor faillissement, die hier nog niet was gestart. Daarom werden zowel het verzoek tot voorlopige voorziening als het verzoek tot faillissementsverklaring afgewezen.
Uitkomst: Verzoek tot voorlopige voorziening en faillissementsaanvraag afgewezen wegens niet aangevangen minnelijk traject en ontbreken dreigende afsluiting.