ECLI:NL:RBROT:2009:BK9381
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A. Poppe-Gielesen
- H. van den Heuvel
- J. de Gans
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestuurlijke boete wegens niet-gecoördineerd besluit gewasbeschermingsmiddelen
Eiser, werkzaam als leidinggevende bij een boomkwekerij, kreeg een bestuurlijke boete van €675 opgelegd wegens overtreding van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Wgb). De overtreding betrof het onbeheerd achterlaten van gewasbeschermingsmiddelen en het niet naleven van gebruiksvoorschriften.
De rechtbank stelde vast dat het boetebesluit niet in overeenstemming was genomen met de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM), zoals vereist volgens artikel 1, eerste lid, van de Wgb. Hierdoor werd het besluit vernietigd. Echter, na een verklaring van de Minister van VROM dat het besluit alsnog in overeenstemming was genomen, onderzocht de rechtbank of de rechtsgevolgen van het besluit in stand konden blijven.
De rechtbank oordeelde dat de boete terecht was opgelegd, mede gezien de ernst van de overtreding en het feit dat eiser en zijn werkgever verantwoordelijk waren gehouden naar rato. Argumenten van eiser over drukte en eerdere goede gedragingen boden onvoldoende grond voor een lagere boete of waarschuwing. Daarom bleef de boete in stand, ondanks de vernietiging van het besluit.
Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen bleven gehandhaafd. Daarnaast werd verweerder verplicht het betaalde griffierecht aan eiser te vergoeden.
Uitkomst: Het boetebesluit wordt vernietigd wegens procedurele gebreken, maar de boete blijft in stand.