ECLI:NL:RBROT:2009:BL1954
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- H. van den Heuvel
- E.A. Poppe-Gielesen
- J. van den Bos
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijk disciplinair ontslag wegens plichtsverzuim belastingdeurwaarder
Eiser, werkzaam als belastingdeurwaarder, werd ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim na het onjuist opmaken van processen-verbaal bij twee executoriale verkopen en het niet melden van vooraf bekende biedingen. De rechtbank oordeelt dat het proces-verbaal van 2 maart 2007 niet naar waarheid is opgemaakt, terwijl het proces-verbaal van 8 maart 2007 wel juist was. Het niet melden van vooraf bekende biedingen wordt als plichtsverzuim aangemerkt, maar het niet naleven van de regels bij de tweede verkoop niet, omdat eiser met impliciete toestemming van zijn leidinggevende afweek van de gedragslijn.
De rechtbank stelt vast dat verweerder bevoegd was een disciplinaire maatregel op te leggen, maar dat het opgelegde onvoorwaardelijke ontslag disproportioneel is gezien het feitelijke plichtsverzuim en de straffen die aan collega’s zijn opgelegd. De rechtbank vernietigt het ontslagbesluit en legt zelf een voorwaardelijk ontslag met een proeftijd van drie jaar op, waarbij eiser wordt geplaatst in een andere functie binnen de gemeente. Tevens worden de proceskosten en griffierechten aan eiser vergoed.
Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De uitspraak benadrukt het belang van een juiste en transparante procedure bij executoriale verkopen en het evenredigheidsbeginsel bij disciplinaire maatregelen.
Uitkomst: Het ontslagbesluit wordt vernietigd en vervangen door een voorwaardelijk ontslag met een proeftijd van drie jaar.