ECLI:NL:RBROT:2010:BL1447
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.J.P. van Essen
- A.N. van Zelm van Eldik
- C. Bouwman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek voorzieningenrechter wegens ontbreken feitelijke grondslag
Op 27 januari 2010 behandelde de wrakingskamer van de rechtbank Rotterdam het verzoek tot wraking van de voorzieningenrechter in een kort gedingprocedure. Verzoeker stelde dat de voorzieningenrechter eerder in een insolventiezaak bevooroordeeld was en daarom niet objectief kon zijn in de huidige zaak. Verzoeker voerde aan dat hij de voorzieningenrechter al eens eerder had gewraakt, wat volgens hem succesvol was geweest.
De voorzieningenrechter ontkende dat er sprake was van een eerdere wraking en gaf aan dat hij geen negatieve gevoelens jegens verzoeker koesterde. Uit onderzoek in het archief van wrakingszaken bleek geen spoor van een eerder wrakingsverzoek door verzoeker of diens partner tegen dezelfde voorzieningenrechter. De rechtbank overwoog dat een rechter uit hoofde van zijn functie onpartijdig wordt vermoed, tenzij er zwaarwegende aanwijzingen zijn voor vooringenomenheid.
De rechtbank concludeerde dat het wrakingsverzoek ongegrond was omdat de feitelijke grondslag ontbrak en er geen objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid bestond. Het verzoek tot wraking werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de voorzieningenrechter is afgewezen wegens het ontbreken van een feitelijke grondslag.