ECLI:NL:RBROT:2010:BL1962
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- De Pauw Gerlings-Döhrn
- Lamers-Wilbers
- De Geus
- Rechtspraak.nl
Toepassing jeugdstrafrecht en oplegging PIJ-maatregel voor medeplegen moord
De rechtbank Rotterdam heeft op 19 januari 2010 uitspraak gedaan in de zaak tegen een verdachte die samen met een mededader een zestienjarige jongen op brute wijze heeft vermoord door meerdere messteken in vitale lichaamsdelen toe te brengen. Bij tussenvonnis was medeplegen van moord bewezen verklaard, waarna aanvullend gedragsdeskundig onderzoek is verricht.
Uit het rapport van kinder- en jeugdpsychiater Th.J.G. Bakkum bleek dat de verdachte meer kenmerken vertoonde van een adolescent dan van een jongvolwassene, met een verstoorde sociaal-emotionele ontwikkeling en een lichte ADHD-achtergrond. Gezien deze bevindingen en de leeftijd van de verdachte ten tijde van het delict, besloot de rechtbank toepassing te geven aan het jeugdstrafrecht conform artikel 77c Sr.
De rechtbank achtte een onvoorwaardelijke jeugddetentie van 24 maanden passend, gevolgd door de PIJ-maatregel die initieel twee jaar duurt en maximaal kan worden verlengd tot zes jaar. Deze straf en maatregel weerspiegelen de ernst van het delict, de veiligheidseisen en het belang van de verdere ontwikkeling van de verdachte in een pedagogische omgeving. De rechtbank hield rekening met de ernst van het feit, het leed van het slachtoffer en diens nabestaanden, en het recidiverisico van de verdachte.
De verdachte werd veroordeeld tot 24 maanden jeugddetentie met aftrek van voorarrest en opgelegd de PIJ-maatregel. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer, onder voorzitterschap van kinderrechter De Pauw Gerlings-Döhrn.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot 24 maanden jeugddetentie en de PIJ-maatregel wegens medeplegen moord.