ECLI:NL:RBROT:2010:BL6510
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Intrekking nachtontheffing wegens structurele openbare ordeverstoring bij horecagelegenheid
Verweerder, de burgemeester van Rotterdam, heeft de nachtontheffing van een horecagelegenheid voor zes maanden ingetrokken vanwege herhaaldelijke incidenten die de openbare orde ernstig verstoren. Uit politierapporten en ambtsberichten blijkt dat tussen december 2006 en januari 2010 meerdere geweldsincidenten plaatsvonden in en rondom de inrichting, vaak in aanwezigheid van beveiligers, waarbij de exploitant tekort is geschoten in toezicht en naleving van vergunningvoorwaarden.
Verzoeker betoogde dat er sinds 2004 geen noemenswaardige incidenten waren en dat sinds december 2009 een nieuw beveiligingsbedrijf werd ingeschakeld, maar dit deed niet af aan het structurele karakter van de ordeverstoringen. Ook stelde verzoeker dat het beginsel van hoor en wederhoor was geschonden en dat de maatregel disproportioneel en punitief was. De voorzieningenrechter oordeelde echter dat verweerder bevoegd was tot intrekking op grond van de APV Rotterdam en dat de maatregel proportioneel was ter bescherming van de openbare orde en het leefklimaat.
De voorzieningenrechter wees het verzoek om voorlopige voorziening af, omdat het bestreden besluit naar verwachting in stand zal blijven. Er was geen aanleiding voor een voorlopige schorsing van de intrekking. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de intrekking van de nachtontheffing wordt afgewezen.