ECLI:NL:RBROT:2010:BL6828
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebesluit wegens schending redelijke termijn en bevestiging boete voor bouwfraude in GWW-sector
De rechtbank Rotterdam behandelde het beroep van Aannemingsmaatschappij M.J. Oomen B.V. en aanverwante entiteiten tegen een boetebesluit van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) wegens overtreding van artikel 6 van Pro de Mededingingswet en artikel 81 van Pro het EG-Verdrag.
De zaak betreft een systeem van vooroverleg en afstemming bij aanbestedingen in de grond-, weg- en waterbouwsector (GWW) tussen 1998 en 2001, waarbij ondernemingen onderling afspraken maakten over werkverdeling en inschrijfgedrag. De rechtbank oordeelde dat ondanks een administratieve fout in de tenaamstelling in het boeterapport, de rechten van verdediging niet waren geschonden omdat het duidelijk was dat het rapport op Aannemingsmaatschappij M.J. Oomen B.V. betrekking had.
De rechtbank constateerde een overschrijding van de redelijke termijn met ruim acht maanden en paste daarom een boetevermindering toe van € 2.500. De hoogte van de boete werd vastgesteld op € 252.897, waarbij ook de aansprakelijkheid van de moedermaatschappijen werd aangepast. De rechtbank verwierp verder de stellingen over wijziging van de versnelde procedurevoorwaarden, gebrek aan onderzoek naar draagkracht en ongelijke behandeling. De proceskosten werden toegewezen aan eiseres.
Uitkomst: Boetebesluit deels vernietigd wegens overschrijding redelijke termijn, boete vastgesteld op €252.897,- met aangepaste aansprakelijkheid.