ECLI:NL:RBROT:2010:BL7221
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Boven
- Sikkel
- Frankruijter
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak advocaat wegens onvoldoende bewijs van opzet tot valsheid in geschrift
De rechtbank Rotterdam behandelde de zaak tegen een advocaat die werd verdacht van het opzettelijk valselijk opmaken van legal opinions, certificates en guarantees ten behoeve van geldleningen aan een cliënt. Het openbaar ministerie stelde dat de verdachte bewust bepalingen had weggelaten en onjuiste informatie had verstrekt om geldleningen mogelijk te maken.
De verdachte voerde aan dat hij te goeder trouw handelde en dat eventuele onjuistheden voortkwamen uit onoplettendheid en tijdsdruk, niet uit opzet. De rechtbank oordeelde dat hoewel de verdachte tekort was geschoten in zorgvuldigheid en deskundigheid, dit onvoldoende bewijs vormde voor (voorwaardelijk) opzet.
De rechtbank wees het verzoek tot het horen van een tweede deskundige af omdat de inhoudelijke beoordeling van de legal opinions niet meer aan de orde was. Uiteindelijk sprak de rechtbank de verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs.
Uitkomst: De verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van (voorwaardelijk) opzet tot valsheid in geschrift.