ECLI:NL:RBROT:2010:BL8036
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.F. Lubberink
- Rechtspraak.nl
Toewijzing schadevergoeding wegens ontbinding mobiele telefoonabonnement
In deze zaak staat de toewijsbaarheid van een schadevergoeding centraal na ontbinding van een mobiele telefoonovereenkomst tussen Vodafone en de gedaagde. De overeenkomst had een looptijd van 24 maanden, ingaande 10 juni 2008, en werd ontbonden per 1 oktober 2008. Intrum Justitia, als rechtsopvolger van Vodafone, vordert betaling van openstaande facturen en een schadevergoeding voor de resterende looptijd.
De kantonrechter oordeelt dat de eerste vier facturen, met een totaalbedrag van € 740,72, onbetwist zijn en toewijsbaar. De schadevergoeding voor de resterende looptijd wordt op basis van redelijkheid en vaste jurisprudentie geschat, waarbij rekening wordt gehouden met een korting, BTW, en kostenbesparing door Vodafone na ontbinding. De waarde van het gratis verstrekte mobiele toestel wordt eveneens begroot op € 100,00.
Uiteindelijk wordt de gedaagde veroordeeld tot betaling van € 991,46 aan hoofdsom, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 9 februari 2009. De gevorderde buitengerechtelijke kosten worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs van daadwerkelijke werkzaamheden. De gedaagde wordt tevens in de proceskosten veroordeeld.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 991,46 plus wettelijke rente vanaf 9 februari 2009.