ECLI:NL:RBROT:2010:BL8765
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Uitleg hypotheekakte en aansprakelijkheid bij onrechtmatig handelen en dwaling
In deze zaak stond de uitleg van een hypotheekakte centraal, waarbij eiser en eiseres stelden dat de hypotheek vernietigd moest worden wegens dwaling en dat gedaagde geen vorderingen meer had. Gedaagde vorderde daarnaast schadevergoeding wegens onrechtmatig handelen van eiser, die de bankrekening van een BV had leeggehaald en daardoor fiscale verplichtingen niet werden nagekomen.
De rechtbank oordeelde dat het beroep op dwaling niet slaagt omdat de notaris niet partij is en de hypotheekakte dwingend bewijs levert van de afspraken. De hypotheek omvatte ook toekomstige vorderingen, zodat het recht van hypotheek niet beperkt was tot de oorspronkelijke lening.
De vordering wegens onrechtmatige daad werd afgewezen omdat onvoldoende was gesteld dat eiser als bestuurder onrechtmatig had gehandeld. De rechtbank vond dat de betalingen aan crediteuren gerechtvaardigd waren en dat de mededelingen aan de belastingdienst niet vals waren.
De hypotheek is tenietgegaan omdat het geleende bedrag volledig is terugbetaald. Gedaagde heeft geen vorderingen meer op eiser en eiseres. De kosten van de procedure worden aan gedaagde opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep op dwaling af, verklaart de hypotheek tenietgegaan door volledige terugbetaling en wijst de vordering wegens onrechtmatige daad af.