ECLI:NL:RBROT:2010:BM5048
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- mr. Asscheman-Versluis
- mr. Koekebakker
- mr. Korenhof
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke gevangenisstraf voor ontuchtige handelingen vader met minderjarige dochter
De rechtbank Rotterdam heeft verdachte veroordeeld voor ontuchtige handelingen met zijn minderjarige dochter, gepleegd in de periode van ongeveer januari tot juli 1996. Hoewel verdachte en dochter een seksuele relatie hadden, werd bewezenverklaard dat dit plaatsvond toen zij nog minderjarig was, ondanks dat verdachte ontkende dat dit voor haar 16e verjaardag was.
De rechtbank oordeelde dat de verklaring van de dochter over de periode van de relatie innerlijke tegenstrijdigheden vertoonde, terwijl de verklaring van verdachte consistent was. Desondanks werd het bewezen dat verdachte meerdere malen seksuele handelingen met zijn dochter heeft gepleegd, waaronder orale en vaginale penetratie, en dat deze handelingen in strijd waren met de maatschappelijke normen.
De verjaringstermijn van 12 jaar was niet verstreken omdat deze rechtsgeldig was gestuit door een gerechtelijk vooronderzoek in 2008. De rechtbank achtte de feiten ernstig, maar legde een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden op vanwege de lange tijd sinds de feiten, het ontbreken van geweld, de goede relatie tussen vader en dochter daarna, en het berouw van verdachte.
Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot schadevergoeding aan de dochter voor materiële en immateriële schade, en tot betaling van gemaakte proceskosten. Het overige deel van de immateriële schadevordering werd niet-ontvankelijk verklaard en kan bij de civiele rechter worden ingediend.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot zes maanden voorwaardelijke gevangenisstraf en schadevergoeding voor ontuchtige handelingen met minderjarige dochter.