ECLI:NL:RBROT:2010:BO3379
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van der Kolk
- Den Hollander
- Hartmann
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor openlijk geweld na confrontatie met ex-collega's in bar
Op 2 februari 2010 vond in een bar in Rotterdam een incident plaats waarbij de verdachte samen met haar moeder twee ex-collega's aanviel. De moeder stak de slachtoffers, terwijl de verdachte hen aan de haren trok en sloeg met een aansteker in de hand. De verdachte werd primair verdacht van poging zware mishandeling/doodslag, maar de rechtbank sprak haar daarvan vrij wegens onvoldoende bewijs.
Subsidiair werd de verdachte beschuldigd van openlijk geweld plegen in vereniging, hetgeen wettig en overtuigend bewezen werd verklaard. De rechtbank oordeelde dat de verdachte een wezenlijke bijdrage leverde aan het geweld, waarmee het verweer dat het geweld niet in vereniging was gepleegd werd verworpen.
De verdediging voerde aan dat sprake was van (putatief) noodweer en psychische overmacht, maar de rechtbank verwierp deze verweren omdat de verdachte zelf de confrontatie initieerde en geen sprake was van een ogenblikkelijke en wederrechtelijke aanranding. De verdachte werd veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf, waarvan drie maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De gevorderde werkstraf werd niet opgelegd vanwege de eerdere onbestrafte status van de verdachte en de matiging van de straf.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van poging zware mishandeling/doodslag, veroordeeld tot 6 maanden gevangenisstraf waarvan 3 voorwaardelijk voor openlijk geweld.