ECLI:NL:RBROT:2010:BO7593
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- H. van den Heuvel
- E.R. Houweling
- J. de Gans
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete milieudelict: gunstiger sanctieregime voor overtreding voor Wgb-inwerkingtreding
In deze bestuursrechtelijke zaak staat centraal welk sanctieregime van toepassing is op een overtreding die plaatsvond vóór de inwerkingtreding van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Wgb). Eiser kreeg een bestuurlijke boete opgelegd wegens het gebruik van verboden bestrijdingsmiddelen bij de teelt van rozen. Verweerder stelde dat het nieuwe regime van de Wgb met hogere boetes van toepassing was en gunstiger voor eiser.
De rechtbank stelt vast dat de overtredingen ook onder het oude regime van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962 (Bmw 1962) en de Wet op de economische delicten (WED) verboden waren. Volgens de Richtlijn voor strafvordering bestuurlijke transactie milieudelicten, die geldt onder het oude regime, waren de transactiebedragen lager dan de boetes onder het nieuwe regime. Bovendien werd bij een eerste overtreding onder het oude regime vaak volstaan met een waarschuwing.
De rechtbank concludeert dat het oude sanctieregime het meest gunstig is voor eiser en verklaart het beroep gegrond. Het bestreden besluit wordt vernietigd en het primaire besluit herroepen. De rechtbank bepaalt dat aan eiser het betaalde griffierecht wordt vergoed. Hiermee wordt het besluit van 21 augustus 2008 ingetrokken en wordt geen boete opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de boete en herroept het besluit, omdat het oude sanctieregime gunstiger is en bij een eerste overtreding een waarschuwing volstaat.