2. De feiten
De rechtbank gaat uit van de navolgende tussen partijen vaststaande feiten.
2.1. Nuon exploiteert onder andere een elektriciteitscentrale in Velsen. Onderdeel van die centrale is “Eenheid 24”, bestaande uit onder meer een stoomketel en een stoomturbine. In de stoomketel wordt stoom geproduceerd die via de turbine elektriciteit opwekt.
2.2. Tot de stoomketel behoren verscheidene pijpen, waar stoom doorheen wordt geleid. Bij het starten en stoppen van de ketel moet oververhitting van de pijpen door onvoldoende doorstroming van de stoom worden voorkomen. Op een aantal plaatsen in de ketel zitten stoomdrum-drukveiligheden, een soort veiligheidskleppen die bij een te hoge druk opengaan.
2.3. Op 10 maart 2004 zijn problemen ontstaan met de stoomdrum-drukveiligheden. Een tijdelijke oplossing is toen gevonden in het zwaarder instellen van de veiligheden en het verlagen van de stoomdruk. Vervolgens zijn voor de veiligheden twee nieuwe veerpakketten besteld.
2.4. In de week van 21 tot en met 25 juni 2004 zijn tijdens een zogenoemde korte (onderhouds)stop, die al was gepland vóór 10 maart 2004, de toen 30 jaar oude veerpakketten vervangen. Op 1 juli 2004 is Eenheid 24 opnieuw opgestart. De nieuwe veerpakketten dienden te worden afgesteld, waarbij onder hoge druk wordt gewerkt.
2.5. Op 2 juli 2004 is bij het afstellen van de veiligheden schade ontstaan, doordat een aantal pijpen door oververhitting is gesprongen en een aantal pijpen is vervormd.
2.6. Ten tijde van het ontstaan van deze schade was Nuon verzekerde krachtens een doorlopende CAR-verzekering, met gedaagden als verzekeraars (voor ieder 50%). Dit betreft een beurspolis, gesloten door tussenkomst van beursmakelaar IRS. Nuon heeft verder een machinebreukverzekering afgesloten bij een andere verzekeraar.
2.7. De polisdocumenten bestaan uit een sluitbrief van 19 december 2002, bijbehorende polisvoorwaarden en bijzondere clausules. De sluitbrief vermeldt, voor zover hier van belang:
“ Verzekerd Werk en Omschrijving:
Alle revisiewerken aan o.a. gas- of stoomturbine- en ketelinstallaties en alle overige revisiewerkzaamheden welke dienen te worden uitgevoerd aan installaties in het kader van A, B en C inspecties, stoomwezenkeuringen en dergelijke, ingevolge een jaarlijks door Verzekerde opgesteld revisieprogramma, welk door Verzekerde wordt uitgevoerd op de locaties Utrecht, Amsterdam, Diemen, Velsen en Purmerend.
De verzekering is van kracht gedurende renovatie-, constructie-, sloop-, bouw-, oprichtings-, installatie-, uitgraaf-, demontage-, montage-, aansluitings-, assemblage-, of andere werkzaamheden op het bouwterrein en/of in de omgeving daarvan, inclusief alle tests en/of beproevingen van welke aard ook en zolang als nodig en/of volledig proefbedrijf zoals hierna omschreven.
In aanvulling op art. 2.1 van de Algemene Voorwaarden ("Reliant Energy" Verzekeringsvoorwaarden) is bepaald dat voor werkzaamheden aan installaties, het risico van Verzekeraars aanvangt nadat de betreffende installatie is stilgezet, dan wel vrij van grondstoffen, zulks evenwel uitsluitend indien mogelijk en voor de uitvoering van het werk noodzakelijk. Met betrekking tot werkzaamheden aan turbines is bepaald dat het risico aanvangt na afkoeling en opening van de turbine.
Het risico van Verzekeraars zal voor elk Werk eindigen 7 werkdagen vanaf het moment dat de installatie is opgestart, dan wel is gekoppeld aan het elektriciteitsnet.”
2.8. Nuon heeft de schade gemeld bij verzekeraars, die de schade vervolgens hebben laten onderzoeken. Verzekeraars hebben geweigerd de schade te vergoeden.