ECLI:NL:RBROT:2011:BP0946
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Janssen
- Sikkel
- Koekebakker
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak voor Loverboy-feiten, veroordeling voor verboden wapenbezit
De rechtbank Rotterdam behandelde een strafzaak tegen verdachte en zes medeverdachten in de zogenaamde Loverboy-zaak. De verdachte werd beschuldigd van diverse ernstige strafbare feiten, waaronder mensenhandel, seksuele uitbuiting en afpersing. De verklaringen van de aangeefster vormden het hoofdbewijs, maar de rechtbank vond deze onvoldoende betrouwbaar en kon de feiten niet buiten redelijke twijfel bewezen verklaren. Hierdoor sprak de rechtbank verdachte vrij van alle feiten die op de verklaring van de aangeefster berustten.
Wel werd verdachte veroordeeld voor het bezit van verboden vuurwapens en munitie, feiten die hij bekend had. De rechtbank achtte het bezit van vuurwapens ernstig en legde een gevangenisstraf van vijf maanden op, rekening houdend met eerdere veroordelingen. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd afgewezen wegens gebrek aan rechtstreeks verband met de bewezen verklaarde feiten.
De rechtbank benadrukte het verschil tussen de strafrechtelijke bewijsstandaard en de publieke opinie, en wees op inconsistenties en ongerijmdheden in de verklaringen van de aangeefster. De uitspraak werd gedaan op 17 januari 2011 door de meervoudige kamer voor strafzaken van de rechtbank Rotterdam.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van Loverboy-feiten, veroordeeld tot vijf maanden gevangenisstraf voor verboden wapenbezit.