ECLI:NL:RBROT:2011:BP5161
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.L. de Gruijl-van Benthem
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering afgifte testamentair legaat wegens eigendom panden in besloten vennootschappen
De zaak betreft een geschil over de uitleg en afgifte van een testamentair legaat aan [persoon 1], waarbij de gelegateerde registergoederen op het moment van overlijden van de erflater in verschillende besloten vennootschappen waren ondergebracht. De erflater was directeur en enig aandeelhouder van deze vennootschappen.
[persoon 1] vorderde afgifte van het legaat, terwijl de andere erfgenamen en de executeur testamentair dit betwistten. De rechtbank oordeelde dat het legaat slechts betrekking heeft op registergoederen die eigendom van de erflater waren op het moment van overlijden. Omdat de panden in verschillende besloten vennootschappen zaten, behoorden zij niet meer tot de nalatenschap.
De rechtbank verwierp het standpunt van [persoon 1] dat de erflater als enig directeur en aandeelhouder van de vennootschappen gelijk zou staan aan de rechtspersoon, omdat dit een doorbreking van het rechtspersonenrecht zou betekenen. Verder werden vorderingen over schenkingsrecht en terugbetaling van geldleningen afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
De proceskosten werden gecompenseerd, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis werd gewezen door mr. H.L. de Gruijl-van Benthem op 9 februari 2011.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot afgifte van het testamentair legaat af omdat de gelegateerde panden niet meer tot de nalatenschap behoorden.