ECLI:NL:RBROT:2011:BP5418
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging medisch causaal verband tussen ongeval en torticollis met arbeidsongeschiktheid
Op 13 februari 1999 is verzoeker aangereden door een bestuurder die verzekerd was bij Achmea, welke aansprakelijkheid erkende. Partijen waren verdeeld over de vraag of de torticollis van verzoeker een ongevalsgevolg was, wat de buitengerechtelijke afwikkeling van de schade belemmerde. De rechtbank werd verzocht hierover een beslissing te nemen in een deelgeschilprocedure.
De rechtbank beoordeelde het geschilpunt volgens de criteria van een bodemprocedure. Uit een gezamenlijk aangevraagd rapport van een neuroloog bleek dat er een medisch causaal verband bestaat tussen het ongeval en de torticollis, hoewel het verband indirect is via nekpijn. Achmea voerde verweer, maar kon geen zwaarwegende bezwaren tegen het rapport aanvoeren. Het rapport was zorgvuldig tot stand gekomen en voldoende onderbouwd.
De rechtbank oordeelde dat het rapport als uitgangspunt voor verdere schadeafwikkeling kan dienen en dat het causaal verband tussen het ongeval en de torticollis, inclusief de daaruit voortvloeiende arbeidsongeschiktheid, juridisch toewijsbaar is. Partijen stemden in met voortzetting van onderhandelingen na deze beslissing. De rechtbank wees het verzoek toe en stelde vast dat het ongeval heeft geleid tot de torticollis en de arbeidsongeschiktheid.
Uitkomst: De rechtbank stelt vast dat er een oorzakelijk verband bestaat tussen het ongeval en de torticollis met arbeidsongeschiktheid en wijst het verzoek tot vaststelling van dit verband toe.