ECLI:NL:RBROT:2011:BP7518
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot schorsing procedure in zaak bitumenkartel tegen Shell c.s.
MNO vordert schadevergoeding van Shell c.s. wegens deelname aan het bitumenkartel, dat volgens een beschikking van de Europese Commissie van 13 september 2006 een ernstige inbreuk op het kartelverbod (art. 101 VWEU Pro) vormde. MNO baseert haar vordering op de overname van de onderneming van Koop Tjuchem, die tussen 1994 en 2002 schade zou hebben geleden door hogere inkoopprijzen en oneerlijke concurrentie.
Shell c.s. verzoekt incidenteel de procedure aan te houden op grond van artikel 16 van Pro Verordening 1/2003, in afwachting van het beroep bij het Gerecht van Eerste Aanleg tegen de Commissie-beschikking. Zij betwist onder meer de aansprakelijkheid van Shell Petroleum, de duur van het kartel, de leiderschapsrol van Shell c.s., de geldigheid van de cessie en de verjaring van de vordering.
De rechtbank oordeelt dat er onvoldoende zwaarwegende redenen zijn om de procedure te schorsen. De procedure wordt voortgezet, waarbij eerst wordt beslist over de vragen omtrent de geldigheid van de cessie, de verjaring en het causaal verband tussen de gedragingen van Shell c.s. en de schade van MNO. Dit voorkomt onnodige vertraging en mogelijke bewijsproblemen.
De zaak wordt op 6 april 2011 hervat, waarbij MNO als eerste haar conclusies zal nemen over de genoemde kernvragen. Shell c.s. wordt veroordeeld in de kosten van het incident. Verdere beslissingen worden aangehouden totdat deze vragen zijn beantwoord.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van de procedure wordt afgewezen en de zaak wordt voortgezet met conclusies over cessie, verjaring en schade.