ECLI:NL:RBROT:2011:BP8970
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Belanghebbendheid en inhoudelijke toetsing vergunning herinrichting Struytse Zeedijk
Eiser maakte bezwaar tegen vergunningen verleend door het waterschap Hollandse Delta voor de herinrichting van de Struytse Zeedijk, waaronder het planten van knotwilgen. Verweerder verklaarde de bezwaren niet-ontvankelijk omdat deze zich zouden richten tegen gemeentelijke plannen en niet tegen waterstaatkundige aspecten. De rechtbank oordeelde echter dat eiser als direct omwonende met uitzicht op de dijk wel degelijk belanghebbende is in de zin van de Awb.
De rechtbank onderzocht inhoudelijk de vergunningverlening en oordeelde dat het waterschap terecht de waterstaatkundige belangen leidend heeft geacht en dat de bezwaren van eiser die niet op deze aspecten zien, niet aan de orde kunnen komen. De procedurele bezwaren over late toezending van besluiten werden afgewezen, evenals de verzoeken tot schadevergoeding.
De rechtbank vernietigde de bestreden besluiten van 27 oktober en 1 december 2009 en verklaarde het beroep gegrond. Het bezwaar tegen de primaire besluiten werd alsnog ongegrond verklaard. Verweerder werd verplicht het betaalde griffierecht aan eiser te vergoeden.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de bestreden besluiten en verklaart het bezwaar alsnog ongegrond.