ECLI:NL:RBROT:2011:BQ3548
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- L.J. van Die
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding wegens niet-geconcretiseerde bonusregeling in arbeidsovereenkomst
De werknemer trad in dienst bij de werkgever met een arbeidsovereenkomst waarin een Long Term Incentive (LTI) bonusregeling was opgenomen, die uiterlijk 1 april 2007 tot stand gebracht zou worden. De werkgever heeft deze regeling echter nooit geïmplementeerd, wat zij erkent.
De werknemer stelt dat de LTI-regeling een belangrijke arbeidsvoorwaarde was, vergelijkbaar met een regeling bij zijn vorige werkgever, en dat hij daardoor schade heeft geleden. De werkgever betwist dit en wijst erop dat de regeling nooit concreet is ingevuld en de voorwaarden onbekend zijn.
De rechtbank oordeelt dat hoewel vaststaat dat de werkgever tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichting om de LTI-regeling tot stand te brengen, onvoldoende is onderbouwd wat de werknemer concreet van deze regeling mocht verwachten. Door de vele onzekere factoren kan niet worden vastgesteld of en welke schade is geleden.
Daarom wijst de rechtbank de vordering tot schadevergoeding af en compenseert de proceskosten zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. De verklaring voor recht dat de werkgever tekort is geschoten wordt wel toegewezen, maar niet uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Vordering tot schadevergoeding wegens niet-nakoming LTI-regeling wordt afgewezen, maar werkgever wordt veroordeeld tot verklaring voor recht van tekortkoming.