ECLI:NL:RBROT:2011:BR0805
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- K. Klein Wolterink
- M. Van Essen
- J. Van den Bos
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verkrachting en veroordeling ontucht met minderjarige meisjes
De rechtbank Rotterdam behandelde de zaak van een verdachte die werd verdacht van verkrachting en ontucht met twee minderjarige meisjes. Na onderzoek en beoordeling van het bewijs sprak de rechtbank de verdachte vrij van verkrachting wegens onvoldoende overtuigend bewijs dat de seksuele handelingen tegen de wil van het slachtoffer waren. De verklaringen van het slachtoffer waren inconsistent en er was geen bewijs van dwang of geweld.
Wel werd bewezen verklaard dat de verdachte ontuchtige handelingen had gepleegd met twee meisjes die jonger waren dan zestien jaar, namelijk het seksueel binnendringen van het lichaam. De verdachte voerde aan dat hij dacht dat de meisjes ouder waren, maar de rechtbank verwierp dit beroep op feitelijke dwaling vanwege de onderzoeksplicht van de verdachte.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van negen maanden op, rekening houdend met de ernst van de feiten, de leeftijd van de slachtoffers en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Tevens werden schadevergoedingen toegekend aan de slachtoffers en een schadevergoedingsmaatregel opgelegd. De officier van justitie werd ontvankelijk verklaard en de verdachte werd veroordeeld voor ontucht met minderjarige meisjes.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van verkrachting en veroordeeld tot 9 maanden gevangenisstraf voor ontucht met twee minderjarige meisjes.