ECLI:NL:RBROT:2011:BR4930
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Janssen
- Van Lottum
- Van den Bos
- Rechtspraak.nl
Veroordeling deelname aan georganiseerde piraterij en zeeroof met geweld
De rechtbank Rotterdam heeft op 12 augustus 2011 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen een Somalische verdachte die werd verdacht van deelname aan piraterij en zeeroof in de wateren bij Somalië. De tenlastelegging betrof het deelnemen aan zeeroof als schipper en schepeling, waarbij geweld werd gebruikt tegen het Zuid-Afrikaanse zeilschip de Choizil en andere koopvaardijvaartuigen.
Na uitgebreid onderzoek en meerdere zittingen oordeelde de rechtbank dat het deel van de tenlastelegging dat de verdachte als schipper betrof niet wettig en overtuigend was bewezen. Ook het gebruik van geweld tegen het Franse marineschip Floréal kon niet worden bewezen. Wel werd bewezen verklaard dat de verdachte als schepeling in de periode van 15 oktober tot 19 november 2010 dienst heeft genomen op een vaartuig dat bestemd was voor het plegen van geweld tegen andere schepen, waarbij hij bekend was met deze bestemming.
De rechtbank motiveerde de bewezenverklaring onder meer met de herkenning van de verdachte door de kapitein van de Choizil, verklaringen van medeverdachten en observaties van de Nederlandse marine. De verdachte maakte deel uit van een goed georganiseerd netwerk van piraten, waarbij grof geweld werd gebruikt. Gezien de ernst van de feiten en de omstandigheden werd een gevangenisstraf van 7 jaar opgelegd, met aftrek van voorarrest.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 7 jaar gevangenisstraf voor deelname als schepeling aan zeeroof met geweld.