ECLI:NL:RBROT:2011:BR7084
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bewijs en opzegging verzekeringsovereenkomst Catamaran Charter Company tegen HDI en Fortis
In deze civiele zaak tussen Catamaran Charter Company (CCC) en verzekeraars HDI en Fortis staat centraal of en wanneer de verzekeringsovereenkomst is beëindigd. HDI en Fortis stelden dat Marsh B.V. als beursmakelaar de verzekeringsovereenkomst tussentijds heeft opgezegd per 4 december 2002, maar konden dit niet met voldoende bewijs onderbouwen.
De rechtbank heeft HDI en Fortis opgedragen nader bewijs te leveren. Zij brachten een schriftelijke verklaring en een faxbericht in, maar deze bleken incompleet en onvoldoende betrouwbaar. De verklaring ontbrak bekrachtiging en het faxbericht riep onduidelijkheden op over de datum en inhoud van de opzegging.
De rechtbank oordeelde dat de verzekering in principe niet met terugwerkende kracht kan worden beëindigd en dat HDI en Fortis niet hebben aangetoond dat zij vóór 31 december 2002 waren ontslagen van hun verplichtingen. Daarom wordt aangenomen dat de dekking tot die datum voortduurde.
CCC moet de schade en voorvallen nu specificeren, waarna HDI en Fortis kunnen reageren. De rechtbank houdt verdere beslissingen aan en geeft partijen het advies om de zaak in der minne af te wikkelen gezien het tijdsverloop en de liquidatie van CCC.
Uitkomst: HDI en Fortis hebben onvoldoende bewijs geleverd dat de verzekeringsovereenkomst vóór 31 december 2002 is beëindigd, verdere bewijslevering wordt toegestaan.