ECLI:NL:RBROT:2011:BT2000
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- mr. Sikkel
- mr. Geerars
- mr. Koekebakker
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor illegale handel en bezit van beschermde roofvogels zonder vrijstelling
De rechtbank Rotterdam heeft op 20 september 2011 uitspraak gedaan in een zaak tegen de verdachte die werd beschuldigd van het overtreden van artikel 13 van Pro de Flora- en faunawet door handelsactiviteiten met beschermde in- en uitheemse roofvogels zonder de vereiste vrijstellingen. Het onderzoek begon in 2007 naar aanleiding van processen-verbaal van de Criminele Inlichtingen Eenheid. De verdachte werd in februari 2008 aangehouden en in verzekering gesteld.
De rechtbank verwierp het ontvankelijkheidsverweer van de verdediging en stelde dat het onderzoek gerechtvaardigd was op basis van de destijds beschikbare informatie. Het opzetverweer werd ook verworpen, aangezien in economisch strafrecht geen boos opzet vereist is; het opzet is kleurloos. De verdachte diende alle inkomende vogels op certificaat en ringnummer te controleren, wat niet is gebeurd, waardoor ook het avas-verweer faalde.
De rechtbank stelde vast dat de verdachte samen met zijn vennootschap meerdere beschermde roofvogels had gekocht, verkocht, vervoerd en onder zich had zonder de benodigde vrijstellingen en certificaten. De vogels betroffen onder meer slechtvalken, bastaardarenden, zwarte wouwen, oehoes, sperwers en Amerikaanse zeearenden. De rechtbank oordeelde dat de verdachte feitelijk leiding had gegeven aan deze verboden gedragingen.
Hoewel de verdachte zich profileerde als liefhebber en kenner, werd hem ernstig verweten onvoldoende oog te hebben gehad voor de beschermende regelgeving. De rechtbank hield rekening met het feit dat de verdachte niet eerder was veroordeeld voor soortgelijke feiten en met het tijdsverloop van het onderzoek, wat leidde tot een strafvermindering. De opgelegde straf bestond uit een geheel voorwaardelijke werkstraf van 180 uur met een proeftijd van twee jaar, waarbij de in beslag genomen slechtvalken verbeurd werden verklaard.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke werkstraf van 180 uur wegens illegale handel en bezit van beschermde roofvogels zonder vrijstelling.