ECLI:NL:RBROT:2011:BT6157
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bewijsbeoordeling bestuurdersaansprakelijkheid bij verkoop onderneming vlak voor faillissement
De curator in het faillissement van een besloten vennootschap vordert bestuurdersaansprakelijkheid wegens de verkoop van een deel van de onderneming vlak voor faillissement aan een gelieerde vennootschap. De rechtbank heeft een deskundige benoemd die concludeert dat de overgedragen activiteiten geen positieve waarde van betekenis hadden en dat de onderneming ook zonder overdracht niet levensvatbaar was.
De curator betoogt dat de deskundige onjuiste aannames heeft gedaan over personeelskosten en waarde, en wijst op positieve resultaten van de gelieerde vennootschap. De rechtbank verwerpt deze stellingen wegens onvoldoende bewijs en onderbouwing. Ook de liquidatiewaarde wordt als verwaarloosbaar beoordeeld.
De rechtbank oordeelt dat de curator niet geslaagd is in haar bewijsopdracht en wijst de vorderingen af. Tevens wordt het conservatoir beslag op het woonhuis van gedaagde niet opgeheven, omdat onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat het beslag onnodig of ondeugdelijk is. De proceskosten worden verdeeld tussen partijen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van de curator af wegens onvoldoende bewijs van waarde van de overgedragen activiteiten en handhaaft het conservatoir beslag op het woonhuis van gedaagde.