ECLI:NL:RBROT:2011:BT7232
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen uitkering depositogarantiestelsel na beslag op deposito
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van De Nederlandsche Bank (DNB) om een uitkering van slechts €29,29 toe te kennen uit hoofde van het depositogarantiestelsel na de faillietverklaring van DSB Bank. Eiser stelde dat het saldo op zijn deposito aanzienlijk hoger zou moeten zijn, namelijk €65.025,61, en dat DNB ten onrechte dit hogere bedrag niet had uitgekeerd.
De rechtbank heeft vastgesteld dat op het deposito op 12 oktober 2009 slechts €29,29 stond, omdat de Belastingdienst in 2006 executoriaal derdenbeslag had gelegd op een bedrag van circa €64.996,32, dat vervolgens aan de Belastingdienst was overgemaakt. Eiser was hiervan op de hoogte gesteld.
De rechtbank oordeelt dat het depositogarantiestelsel alleen uitkering biedt tot het saldo dat op het moment van de noodregeling op het deposito stond, met een maximum van €100.000. De rechtmatigheid van de overmaking aan de Belastingdienst kan niet leiden tot een hogere uitkering, aangezien het stelsel geen dekking biedt voor onrechtmatige onttrekkingen.
Eiser heeft zich na sluiting van het onderzoek ter zitting alsnog gemeld, maar de rechtbank zag geen aanleiding het onderzoek te heropenen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de beperkte uitkering uit het depositogarantiestelsel wordt ongegrond verklaard.