ECLI:NL:RBROT:2011:BT7601
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Geerars
- Van Lieshout
- Koekebakker
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke gevangenisstraf wegens vertonen pornografisch materiaal aan minderjarigen
De rechtbank Rotterdam heeft op 6 oktober 2011 uitspraak gedaan in een zaak waarin de verdachte werd beschuldigd van het vertonen van pornografisch materiaal aan minderjarige jongens onder de zestien jaar. Hoewel de verdachte de dvd niet zelf beschikbaar stelde, had hij wel wetenschap van het feit dat de jongens in zijn woning naar het materiaal keken en had hij als enige meerderjarige moeten ingrijpen. De rechtbank oordeelde dat het vertonen van het materiaal bewezen was en strafbaar volgens artikel 240a van het Wetboek van Strafrecht.
De verdediging voerde aan dat de jongens zelf de televisie aanzetten en dat de verdachte niet actief had gehandeld, maar dit verweer werd verworpen. Ook het verweer dat de verdachte verstandelijk beperkt zou zijn en daardoor niet toerekeningsvatbaar was, werd niet aanvaard vanwege onvoldoende onderbouwing en het feit dat de verdachte zelf wist dat het vertonen van porno aan minderjarigen niet was toegestaan.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van vier maanden op, die niet ten uitvoer wordt gelegd tenzij de verdachte zich binnen een proeftijd van twee jaar aan een strafbaar feit schuldig maakt of de bijzondere voorwaarden niet naleeft. Deze voorwaarden omvatten het volgen van aanwijzingen van de reclassering en het onder behandeling stellen bij een psychiatrische polikliniek. De rechtbank nam ook kennis van een reclasseringsadvies en hield rekening met eerdere zedenveroordelingen van de verdachte.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van vier maanden met een proeftijd van twee jaar en bijzondere voorwaarden.