ECLI:NL:RBROT:2011:BU4946
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling invordering verbeurde dwangsom zonder bijzondere omstandigheden
Eiseres kreeg een last onder dwangsom opgelegd wegens het opnieuw omzetten van zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte zonder vergunning. De dwangsom bedroeg € 11.024,- en werd verbeurd omdat eiseres niet aan de last voldeed. Eiseres betwistte de hoogte van de dwangsom en het feit dat verweerder geen betalingsregeling wilde treffen, wat leidde tot extra deurwaarderskosten.
De rechtbank oordeelde dat de last onder dwangsom formele rechtskracht heeft en dat de hoogte van de dwangsom niet in deze procedure ter discussie kan staan. De enige vraag was of bijzondere omstandigheden bestonden die tot (gedeeltelijk) afzien van invordering moesten leiden. Eiseres stelde dat haar financiële situatie en de weigering van een betalingsregeling bijzondere omstandigheden vormden.
De rechtbank vond echter dat eiseres niet aannemelijk had gemaakt dat er onaanvaardbare sociale of financiële gevolgen waren. Ook was de aanvraag voor uitstel te laat gedaan en was verweerder niet te verwijten dat de invordering aan een deurwaarder werd overgedragen. De rechtbank verwierp het beroep en zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de invordering van de verbeurde dwangsom wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van bijzondere omstandigheden.