ECLI:NL:RBROT:2011:BU9548
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling aan deurwaarder geen daad van bekendheid in verzetprocedure civiel geschil over facturen plantenlevering
In deze civiele verzetprocedure staat centraal of opposant tijdig in verzet is gekomen tegen een verstekvonnis dat hem veroordeelde tot betaling van facturen voor plantenleveringen door geopposeerde. Geopposeerde vordert betaling van openstaande facturen en bijkomende kosten, terwijl opposant betwist de bestellingen te hebben geplaatst of de planten te hebben ontvangen.
Opposant betaalde op 12 april 2011 een bedrag aan de deurwaarder, dat overeenkomt met een verkeersboete van het CJIB, maar zonder betalingskenmerk. De deurwaarder schreef deze betaling ten onrechte toe aan de vordering van geopposeerde. De rechtbank stelt vast dat deze betaling geen daad van bekendheid is waaruit volgt dat opposant kennis had van het vonnis of de tenuitvoerlegging daarvan. Opposant nam pas op 20 mei 2011 telefonisch contact op met de deurwaarder en werd toen bekend met de vordering.
De rechtbank verklaart opposant ontvankelijk in zijn verzet omdat de verzetdagvaarding binnen de wettelijke termijn werd uitgebracht na het moment van kennisname. Daarnaast is de kern van het geschil of er een overeenkomst tot stand is gekomen en of planten zijn geleverd. Geopposeerde moet dit bewijzen. De rechtbank verwijst de zaak naar een rolzitting voor nadere bewijslevering en houdt verdere beslissing aan.
Uitkomst: Opposant is ontvankelijk in zijn verzet omdat de betaling aan de deurwaarder geen daad van bekendheid vormt.